De eerste peuters
De eerste peuters

De eerste peuters

God, de HEER, bracht de mens dus in de tuin van Eden,
om die te bewerken en erover te waken. Hij hield hem het volgende voor:
‘Van alle bomen in de tuin mag je eten,
maar niet van de boom van de kennis van goed en kwaad…’

Genesis 2:15-17a, De nieuwe Bijbelvertaling

De kerstboom staat bij ons in een hoekje van de kamer. Een kunstkerstboom gebiedt de eerlijkheid mij te zeggen. Met plastic ballen erin, nou ja in ieder geval grotendeels. Regeren is vooruitzien zegt men altijd. Dus toen wij drie jaar geleden aan het begin van ons burgerleven onze eerste kerstboom kochten voor in de pastorie, kozen wij er bewust voor om in ieder geval een aantal plastic kerstballen aan te schaffen. Nu drie jaar later met rondlopende kinderen ben ik blij dat we die keuze hebben gemaakt. Je kunt aan een kind proberen uit te leggen dat het niet de bedoeling is om die boom in huis (wanneer staat er nou een boom in huis?!) aan te raken, maar de lampjes en de gekleurde ballen maken het natuurlijk alleen nog maar interessanter. Er is geen beginnen aan. De boom stond dit jaar nog geen dag of Pieter-Bouke kwam bij mij vol verwondering in de keuken al een kerstbal laten zien. Eentje van plastic gelukkig.
 
Ik moest meteen aan Adam en Eva denken. Op een bepaalde manier de eerste mensenkinderen van God. Als Adam inderdaad 930 jaar oud is geworden (zie Genesis 5:5), dan was hij goedbeschouwd natuurlijk nog maar een peuter toen hij samen met Eva bij die bewuste boom stond.

Je kunt op verschillende manieren naar het scheppingsverhaal kijken en ook verschillend oordelen over de historiciteit ervan. Dat gesprek bewaren we maar voor een andere keer. Maar ze stonden goedbeschouwd voor een onmogelijke opdracht natuurlijk. Vroeg of laat zouden ze toch bij die boom gaan kijken. Dat moet God toch hebben zien aankomen?
 
Regeren is vooruitzien. Als ik het scheppingsverhaal lees en die verhalen over de eerste mensen. Dan zie ik geen falende God en een falende mens. Ik zie geen plan dat in duigen valt. Veel meer zie ik een God en de mens die eerlijk met elkaar op weg gaan. En in een relatie (of dat nou een vriendschap, een liefdesrelatie of een familieband is) stel je je kwetsbaar op. God en mens liepen vanaf dat allereerste begin beiden het risico om teleurgesteld of gekwetst te worden. En volgens mij is God daar zich altijd van bewust geweest. Volgens mij heeft God ervoor gekozen om gekwetst te kunnen worden. Liefhebben is je hart openen voor een ander. En als je je hart opent, loop je het risico dat je liefde soms op momenten onbeantwoord is.
 
Het wonderlijke is eigenlijk dat de Bijbel niet stopt na Genesis 3, maar dat het verhaal dan pas juist lijkt te beginnen. Er volgt nog zoveel meer. We leven toe naar kerst (daar herinnert die kerstboom me ook elke dag aan). Een feest waarin Gods liefde voor deze wereld zichtbaarder werd dan ooit te voren. Een keerpunt in de tijd.
 
Ik sluit me aan bij C.S. Lewis die ooit zei dat God bij de schepping van de wereld, de kribbe en het kruis al zag staan. Dat vind ik een mooi theologisch uitgangspunt. En daar mag u het mee eens zijn of niet, maar het geeft in ieder geval stof tot nadenken. Stof tot gesprek in de huiskamers. En daarmee kunnen we weer een adventsweek vooruit.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.